Ga verder naar de inhoud

Warmtecapaciteit

Top

Elk materiaal heeft zijn eigen warmtecapaciteit. Dat is de mogelijkheid om warmte te gaan bufferen. Voor cellulose-isolatie en houtwol ligt die hoger dan bijvoorbeeld voor kunststofschuim zoals PUR. Die is ook hoger dan glas- of rotswol.

Die warmtecapaciteit gaat resulteren in een warmtedoorslag, dat is de tijd die nodig is om de zomerwarmte door de constructie te laten trekken. In het ideale geval is dat meer dan 12 uur. Dan ga je de doorslag van de middagwarmte kunnen compenseren met de lagere nachttemperaturen.

Voor een wintersituatie speelt dat veel minder mee, dan is de warmtedoorgangscoëfficiënt de maat voor het warmteverlies.

Isolatiewaarde berekenen

Top

De isolatiewaarde kun je berekenen. Die wordt uitgedrukt in een R-waarde en de R-waarde is de dikte van het materiaal in meter gedeeld door de warmtegeleidingscoëfficiënt van het materiaal (λ –waarde, Griekse letter lambda).

De λ -waarde van de meest gebruikelijke isolatiematerialen kun je terugvinden op deze site: https://butgb-ubatc.be/nl/.

Die λ-waarde ga je ook terugvinden op de site van de fabrikant.

Voor premieregelingen wordt de R-waarde vaak gebruikt.

De isolatiewaarde van een constructie-onderdeel (vloer, wand, raam, dak, …) wordt ook uitgedrukt in een U-waarde. U = 1/Rt. Die Rt-waarde is de totale R-waarde, de som van de verschillende R-waarden van alle lagen van de constructie.

De rest is eigenlijk algebra maar hier nog even na mekaar:

R = warmteweerstand (m²K/W) hoe hoger hoe beter

U = warmtedoorgangscoëfficiënt (W/m²K) hoe lager hoe beter

d = dikte uitgedrukt in meter (m)

λ = lambda-waarde warmtegeleidingscoëfficiënt (W/mK) hoe lager hoe beter

Als we gaan rekenen naar één laag kunnen we deze formules gebruiken:

R = d/ λ

d = R x λ

λ = d / R

U = λ / d

d = λ / U

λ = U x d

Dampscherm

Top

Bij het isoleren hoort bijna altijd een dampscherm aan de warme zijde te zitten. De bedoeling van het dampscherm is het tegenhouden van warme lucht met opgelost vocht. Warme lucht kan ook meer vocht bevatten dan koude lucht. Als die warme lucht + vocht door de constructie kan trekken en een koud oppervlak bereiken koelt die lucht daar af, kan het vocht niet meer bijhouden en krijg je condens op het koude oppervlak.

Dampschermen moet je degelijk verzorgen. Naden moeten afgeplakt worden met een aangepaste tape. Doorboringen zijn te mijden of, in voorkomend geval, af te werken met de nodige hulpstukken om ook daar de luchtdichtheid te garanderen. Ook de aansluiting tegen andere constructieonderdelen zoals balken, dakvlakramen, muren, … worden afgeplakt en / of afgekit.

In deze presentatie van het WTCB (wetenschappelijk technisch centrum voor de bouwnijverheid) wordt in 13 minuten uitgelegd hoe we de luchtdichtheid van onze gebouwen moeten aanpakken.

En in deze filmpjes van Isover wordt een dampscherm van een dak aangebracht en dakvlakramen aangewerkt. Uiteraard ga je enkel Isover-producten te zien krijgen maar het gaat om de plaatsing.

Vind je de informatie op deze pagina nuttig?